Van nature groeien deze paddestoelen op verzwakte en dode bomen met vrij zacht hout, zoals Populier en Wilg, waar ze een witrot veroorzaken. Typisch voor de oesterzwam is ook dat hij bij voorkeur in het koudste deel van het jaar fructificeert, vooral in de winter. In cultuur zijn verschillende vormen van Pleurotus ostreatus, P. cornucopiae en verwante soorten, met grijze, gele of roze vruchtlichamen. Men teelt ze tegenwoordig veelal op gepasteuriseerd tarwestro, geënt met gestandaardiseerd broed. Een belangrijk probleem bij deze teelt was aanvankelijk het feit dat de enorme sporenproductie allergische reacties veroorzaakte bij de werknemers. Daarom zijn er tegenwoordig rassen in gebruik waarbij de sporenproductie is onderdrukt
Lentinus edodes is al heel lang in Zuidoost Azië in cultuur. Al ruim 2000 jaar kweken de chinezen en japanners deze paddestoelen door hout te inoculeren met geïnfecteerd zaagsel. Na een lange aanlooptijd van minstens een jaar kan men 3 tot 5 jaar oogsten van deze geïnoculeerde stammen. Tegenwoordig wordt de paddestoel commercieel ook gekweekt op zaagsel van hardhout waar een voedingsoplossing van suikers aan is toegevoegd. Shii-take is zeer geliefd in Zuidoost Azië, niet alleen als waardevolle en smakelijke aanvulling op het dagelijks voedsel, maar ook de geneeskrachtige werking die er aan wordt toegeschreven.
De Straw-Mushroom is een beurszwam (Pluteaceae: Volvariella) wordt ook al sinds eeuwen gekweekt. Traditioneel werd deze paddestoel geteeld op hopen broeiend rijststro. De bedden werden niet geënt: het werd aan het toeval overgelaten, omdat meestal cultures van verschillende leeftijd aanwezig waren en de lucht bezwangerd was van sporen. Tegenwoordig is ook deze teelt gestandariseerd en wordt in kleine huisindustrieën geproduceerd.
Het fluweelpootje is een bekende paddestoel, die in Nederland wijd verspreid voorkomt en, evenals de oesterzwam, vooral in de winter fructificeert. In Japan wordt deze paddestoel op grote schaal geteeld op een mengsel van zaagsel en mout. Voor huishoudelijk gebruik kun je plastic flessen kopen die van dit zaagsel met broed voorzien zijn. De paddestoelen groeien in een bundel uit de hals van de fles en zijn eenvoudig te 'oogsten'.
Deze trilzwam wordt veel gekweekt op houtblokken en zaagsel in china waar hij het 'zilveroortje' heet en in soepen als tonicum wordt gebruikt.
Dit is een mooi voorbeeld van een parasitaire schimmel die wordt gebruikt als voedingsmiddel. Deze brandschimmel wordt geïnoculeerd op de wilde rijst, Zizania cacudifera waar hij zwellingen van de stengel veroorzaakt die daardoor dik en vlezig wordt en bij rijping van de schimmel, is voorzien van kleine witte sporenhoopjes. Deze 'groente' is een hoog geschatte delicatesse.
Een aantal paddestoelen zijn heel geschikt om zelf thuis te kweken in de kelder of in je tuin. Verschillende firma's leveren broed of zelfs hele doe-het-zelf pakketten. In Nijmegen is een voorlichtingscentrum in een oude toren, die daarom de Paddestoelentoren heet, waar je voorlichting over alle aspecten van het kweken van eetbare paddestoelen kunt krijgen.
SCHIMMELS IN DE VOEDINGSINDUSTRIE
Gisten
Tot de oudste toepassingen van schimmels in de voedingsindustrie behoren de gisten die gebruikt worden voor het rijzen van het brood en de produktie van alcohol. Tot op de huidige dag worden in het Verre Oosten uiteenlopende soorten voedsel gemaakt door inwerking van schimmels op voorbewerkte rijst, soya, aardnoten en cassave. Mede door de inwerking van enzymen wordt de verteerbaarheid, smaak en geur van het uiteindelijke produkt bewaard.
Bakkersgist
Tot het begin van de vorige eeuw werd biergist, afkomstig uit brouwerijen, gebruikt om brooddeeg te laten rijzen. Omstreeks het midden van de negentiende eeuw kwam echter de industrieel produktie van bakkersgist op gang. Daartoe gebruikte men een reincultuur van de gist Saccharomyces cerevisiae. Deze gist vormt, onder anaerobe omstandigheden, alcohol en koolzuurgas als resultaat van omzetting van suikers. Is zuurstof voorhanden, dan worden de suikers afgebroken tot water en koolzuurgas. Bij het rijzen van brood worden de in het deeg aanwezige suikers omgezet in alcohol en koolzuurgas. Door het laatste gaat het deeg rijzen, d.w.z. het vult zich met kleine gasblaasjes waardoor het volume toeneemt. De alcohol die bij dit proces wordt gevormd, ontsnapt bij het bakken van het brood uit het deeg door de hitte. Vandaar dat je van brood niet dronken wordt.
Alcoholproductie
Bier wordt gemaakt van gerst. De gemalen gerstekorrels worden in water gebracht, waarna de in het gerst aanwezige amylase de zetmeel van de gerst omzet in suikers. Deze worden op hun beurt door een gist, Saccharomyces, omgezet in alcohol. Verschillende toevoegingen, zoals aftreksels van hop, bepalen de uiteindelijke smaak en kleur van het bier. Lager wordt gemaakt met behulp van S. carlsbergensis, het Engelse ale met S. cerevisiae, de broodgist.
Wijn is een al duizenden jaren bekende en geliefde drank, die traditioneel wordt gemaakt van druiven. De druiven worden geperst tot most, en door wilde gisten vergist tot een alcoholische drank. Het druivenras, de grondsoort, het klimaat en tegenwoordig ook de toegevoegde gist bepalen het eindprodukt.
Kaas
Van de vele honderden soorten kaas die we kennen, wordt de smaak bij een een klein deel bepaald door de schimmel die bij de bereiding een rol speelt.
Er zijn twee hoofdtypen: het Camembert-type en de Roquefort kazen.
Camembert, Brie en vergelijkbare kazen rijpen onder de inwerking van Penicillium camembertii en P. caesiolum. Deze schimmels vormen een dichte witte schimmelmat op de kaas, en diffunderen hun eiwitafbrekende enzymen in de kaas, waardoor de melkeiwitten worden omgezet en een zachte, gladde consistentie ontstaat. De smaak van de kaas is mild. Als de kaas te lang wordt bewaard, gaat het afbraakproces verder en ontstaan rottingsproducten als ammoniak.
De blauwe kazen: roquefort, danish blue, gorgonzola e.d. rijpen door de werking van Penicillium roquefortii. Als de melk is gestremd worden er broodkruimels doorheen geroerd die zijn geënt met de schimmel. Deze groeit door de kaas heen. De blauwgroene aderen worden veroorzaakt door opeenhopingen van conidiën. De smaak van de kaas wordt bepaald door de oxydase van vetzuren uit de melk, dat de kaas zijn vrij sterke smaak en geur geeft.
Gefermenteerde sojaproducten
Soja-saus (Shoyu, Ketjap)
Sojasaus vormt een basisbestanddeel van het voedsel in vele delen van Zuidoost Azië. In Japan verbruikt men ongeveer 15 liter per hoofd per jaar. Basis van de saus is een mengsel van tarwe en sojabonen. De sojabonen worden gekookt en vermengd met de gemalen, geroosterde tarwe, vervolgens geënt met Aspergillus oryzae en geincubeerd bij 25°C gedurende 18 dagen. Dan wordt het omgeroerd en gedurende 48 uur bij 30-35 °C gefermenteerd. Dan wordt er een gist en een Lactobacillus aan toegevoegd en gedurende 6 maanden gefermenteerd. Daarna kan nog een rijpingsperode van 2 jaar volgen voordat de saus klaar is. Bij de zoete variant uit Indonesië, de Ketjap manis, wordt suiker toegevoegd.
Tempeh
Tempeh is een soort sojakaas en een heel belangrijk voedselprodukt in Indonesië. Sojabonen zijn in pure staat voor de mens betrekkelijk onverteerbaar. Ze worden daarom met behulp van een schimmel voor ons verteerbaar gemaakt. Daartoe worden ze gekookt en geinoculeerd met de Zygomyceet Rhizopus oligosporus. Het mycelium van deze snelgroeiende schimmel dringt in de bonen binnen en de extracellulaire proteasen breken de eiwitten in snel tempo af (binnen 24 uur) tot voor de mens goed verteerbare brokstukken. Tempeh wordt in Indonesië veel als huisindustrie gemaakt. De gefermenteerde bonen worden in platte plakken geperst en verkocht.
Miso
Miso komt na de sojasaus op de tweede plaats in belangrijkheid in de voedingsindustrie in Japan. Het is een dikke pasta gemaakt van sojabonen en rijst. De rijst wordt
gaargestoomd en geinoculeerd met aspergillus oryzae. Na 24 uur bij 28 °C ontstaat het tussenproduct Koji. Intussen worden de sojabonen gewassen, gekneusd en geweekt. Daarna worden zij ook gaargestoomd. De sojamassa wordt vervolgens geinoculeerd met een gist, Saccharomyces rouxii en met Koji en zout vermengd. Het mengel fermenteert een week bij 28 °C en daarna een maand bij 35 °C. Tenslotte rijpt het na bij kamertemperatuur gedurende twee weken. Miso wordt veel gebruikt als basis voor een soep die de japanners als ontbijt gebruiken.
Single-cell Eiwitten
Fusarium graminearum, een conidïenvormende schimmel met als teleomorf Gibberella zeae, wordt geënt in een mengsel van glucose en ammonia. De schimmel groeit hier welig op en vormt een mycelium dat voor 45 % uit hoogwaardige eiwitten bestaat, naast 10-15 % vet en 20-25 % vezels. Een probleem is hierbij dat het mycelium ook zo'n 10 % nucleinezuren bevat die voor de menselijke consumptie ongeschikt zijn. Ze worden namelijk in onze spijsvertering omgezet in o.a. urinezuur, dat bij hoge concentratie reuma-achtige verschijnselen kan veroorzaken. Door verhitting worden deze nucleinezuren echter vernietigd. Uit dit hoogwaardige eiwitprodukt worden tegenwoordig vleesvervangende produkten gemaakt, o.a. onder de naam Quorn.