Basidiën


Basidiën zijn de voorplantingsorganen van een paddenstoel. Meestal zijn het langwerpige cellen, waarbij aan de bovenkant steeltjes onstaan, waarop de sporen worden gevormd. Hoe dat in zijn werk gaat kun je in de animatie zien.

Je hebt basidiën in allerlei vormen en maten, waarvan hieronder een aantal zijn afgebeeld.

a-g: holobasidiën. Dit zijn basidiën die uit één cel bestaan. Ze komen voor bij alle plaatjeszwammen en boleten, en bij de meeste andere basidiomyceten die vruchtlichamen vormen.

voorbeelden: a: knotsvormig basidium. b: pleurobasidium. c: stemvorkbasidium. d: stekelbasidium (acanthobasidium0. e: repeterend basidium (repetobasidium). f: sklerobasidium. g: gasteromyceten basidium et statismosporen.

h-k: phragmobasidiën. Dit zijn basidiën die door lengte- of dwarswanden in 4 compartimenten zijn verdeeld. Elk compartiment vormt één spore op een steeltje. Dit type is kenmerkend voor de trilzwammen en enkele andere afwijkende groepen zammen én bij de roest- en brandschimmels.

voorbeelden: h: basidium met probasidia. i: dwarsgesepteerd phragmobasidium. j: overlangs gesepteerd phragmobasidium. k: phragmobasidium van een roest

 

.